zaterdag 31 december 2011

Tunische pannenlap Show 'n Tell

Op de valreep vóór het nieuwe jaar een kleine show van een nieuwe techniek. Voor Sinterklaas kreeg ik van mijn moeder een tunische/tunesische haaknaald. En na wat uitgeprobeer, uithalen, opnieuw bolletjes winden en nog maar eens proberen viel het kwartje. Ik besloot er een pannenlap van te maken. Wij hebben daar een eindeloos gebrek aan en er eentje maken staat al sinds jaar en dag op mijn to-do lijstje. Eentje is wat weinig, ik weet het. Ik wil er nog wat bij maken, in andere maar wel passende kleurcombinaties. Maar dus wel een ta-dah waard. Een kleintje dan.


Tunisch haken zorgt voor een opkrullende rand die ik er nog niet helemaal uit heb weten te krijgen, vandaar dat ik m nog even vast moet houden. 

woensdag 21 december 2011

Kerstpakket swap

Op de Priegelaars groep van Ravelry werd al best een tijd geleden de kerstpakketswap georganiseerd. Gewoon, omdat veel mensen er geen krijgen. Omdat ze huisvrouw zijn. Of omdat ze een stomme baas hebben.
Nu ben ik geen huisvrouw. En dit jaar bleek mijn baas niet stom te zijn. Maar een kerstpakket, daar ben ik altijd wel voor in.



Gisteren arriveerde een enorme doos, prachtig verpakt in een kerstig papiertje. En nadat ik eindelijk thuis kwam een avond werken mocht ik die doos openmaken. Tot mijn verbazing zat de doos gewoon helemaal vol. Allemaal kleine en grote kadootjes, alles ingepakt.


Ik wist eigenlijk niet zo goed waar ik moest beginnen. Maar toch begon ik aan het uitpakken. Een enorm karwij   ;-)  En wat kwam er allemaal tevoorschijn?


Sowieso een gezellig mandje. Nu decoratief gebruikt voor al het eten en drinken dat er tevoorschijn kwam. Ik kan het niet allemaal navertellen wat het allemaal was. Crackers, van die Italiaanse stengels, tortellini (die zijn al soldaat gemaakt) mango en lychee sapjes, noodles, bakmix voor amerikaanse muffins, annanas, vlaaivulling. Ik vergeet vast een hele hoop. Ik zou eigenlijk willen zeggen: kijk maar op de foto. Maar er zat zo veel in, dat er ook veel dingetjes achter van alles staat dat je niet alles (even duidelijk) op de foto kunt zien. 


 Babel showt hier wat er verder nog in zat: twee bollen drops delight (heerlijk zacht en erg leuke kleurtjes), een tafelkleed, een 'kerstboom', een waxinelichthouder en cupcake vormpjes. Omdat de doos zo groot was heb ik hem op de grond laten staan en ben er naast gaan zitten. Dit oefende op Babel een grote aantrekkingskracht uit. Hij stak overal zijn neus tussen en in en heeft er voor gezorgd dat het pakpapier degelijk in snippers werd gescheurd. Zonder hem had ik het niet gekund.

En als klap op de vuurpijl een zelfmaakkado. Een kerstboom van vilt met lichtjes er in.


Ook hier weer even: Yolanda BEDANKT.

Wat heerlijk toch, kadootjes uitpakken. En nog eens extra zo met kerst. Wij hoeven in elk geval de komende weken geen boodschappen meer te doen. En weet je wat het leuke is? Alles wat er in zit lust ik of het lijkt me lekker. Dat gebeurt nou nooit bij een echt kerstpakket, zelfs niet als je baas echt om je geeft.

vrijdag 16 december 2011

Piek

Soms heb je van die dingetjes. Van die iebelige, kriebelende, nagging dingetjes. Die voor jou nou eenmaal zo moeten. En niet anders. Want als ze niet zo zijn, gaat het iebelen, en kriebelen, en naggen. Je kunt me raar vinden om mijn iebeltjes. Dat ben ik ook.

Eén van die dingetjes is dat ik er niet tegen kan als er iemand, inclusief ikzelf, aan mijn voeten zit. Ik heb hoogpolige badkamer matten, zodat ik mijn voeten niet hoef af te drogen. Romantisch voetjevrijen zit er voor Lief niet in. Teenslippers, hip of niet, komen niet tussen mijn tenen.

Nog zo'n ding is dat ik vind dat hand- en theedoeken zo gevouwen horen te zijn en zo opgeborgen dat de vouwlijn naar jou toe ligt. Dat je dus altijd maar één theedoek pakt, en niet drie lagen van twee theedoeken.

Nog zo iets is mijn afkeer van de traditionele kerstboompiek. Van die glazen met hobbeltjes en bobbeltjes die dan uitmondden in een lullig sprietje. Zo'n piek stompt de kerstboom af. En dat terwijl een de piek de kroon is van de kerstboom. Lang, lang geleden waren mijn ouders creatief en maakten een grote hoeveelheid brooddeeg. Daarvan bakten ze kerstboomhangers. Rondjes met kerstmannetjes, sterretjes en een gigantische piek. Een prachige ster, aan een lang stokje en voorzien van prachtige rode linten die pappa dan elk jaar om de bovenste tak van de kerstboom wond om hem vast te maken. Tja, logisch dat zo'n stom dingetje dan niet meer voldoet.
Voorgaande jaren probeerde ik het. Een piek vinden. Eentje die anders was dan dat gehobbelde en gebobbelde, zielige geval dat normaal gesproken in de winkels ligt. Maar het lukte nooit. En daarom vallen we elk jaar terug op onze eigen, eigenzinnige piek. Ontstaan uit een creatieve kronkel van het brein van Lief. Mag ik u voorstellen aan kerstboompinguinpiek:


Prinsheerlijk en altijd vrolijk hangt kerstboompinguinpiek nu al voor de vierde maal op rij in onze kerstboom. Vanwaar hij alles kan overzien. En omdat hij het altijd zo voortreffelijk doet ben ik dit jaar maar opgehouden met zoeken.

Je kunt me raar vinden om mijn iebeltjes. Dat ben ik ook. Maar welke iebeltjes heb jij eigenlijk?

woensdag 14 december 2011

Doos

Enige tijd geleden meldde ik me aan voor de 'Ieder wat wils' groep op Ravelry. De bedoeling is dat er een doos, gevuld met handwerk gerelateerde dingen op reis gaat door het land. Hij komt bij iemand aan, die daar wat dingetjes uithaalt, voor dezelfde waarde er weer dingetjes instopt en hem vervolgens opstuurt naar de volgende. Het is al best een tijdje geleden dat de doos op reis ging en ik was recentelijk de één na laatste bij wie de doos mocht logeren.


En dit is wat ik er uit haalde.
Een prachtig projecttasje met een opdruk van Alice in Wonderland tekeningen van Teniel.
Twee bollen rode wol, heerlijk zacht.
Een bol paars met zwarte Noro sokkenwol.

Het projecttasje is, zelfs al op de foto, meteen in gebruikt. De anderen liggen nog even mooi te wezen in mijn 'stash' (ja zelfs ik heb er eentje). De sokkenwol ligt te wachten tot mijn tweede paar af zijn (de eerste sok is bijna af) en het donkerrode wacht nog een bestemming. Iemand suggesties?

zaterdag 10 december 2011

Ode aan de elfen


Mijn eigen persoonlijke Sint verwende mij dit jaar niet alleen met een elektrische deken (heeeerlijk) maar ook met een speciale uitgave van the Spiderwick Chronicles. (Later vast meer, ik heb ze nog niet allemaal uit). Ik kon niet anders dan denken aan het grote mysterieuze elfenboek dat altijd in het nachtkastje van Opa lag. Later kreeg ik dit prachtige boek van hem, omdat ik het zo mooi vond. Hier een kleine ode aan dit betoverende boek en zijn illustratoren.
Alan Lee

Brian Froud



Het boek Elfen (of Faeries) is een co-productie van twee van de in mijn ogen beste fantasy illustratoren van dit moment: Brian Froud en Alan Lee.

Brian Froud


Brian Froud maakt nog steeds veel boeken in de trant van Elfen. Runes of ElflandGood Faeries Bad Faeries maar is het meest bekend voor zijn werk (samen met zijn vrouw Wendy) voor films als Labytinth en The Dark Crystal. Overigens ben ik ook de trotse bezitter van een gesigneerd exemplaar van The Runes of Elfland.

Brian Froud

Alan Lee is het meest bekend eigenlijk voor zijn artwork voor Lord of the Rings. Hij maakte al illustraties voor een speciale uitgave van de boeken en werd aan de hand hiervoor gevraagd om ook mee te werken aan de films. 

Alan Lee
Websites:
World of Froud
Pathway through enchanted lands
Alan Lee




maandag 5 december 2011

Sint Show 'n Tell

Ik ben gek op Sinterklaas. Het feest, de gezelligheid en de surprises die er meestal bij ons gemaakt worden. De scherpe gedichtjes, de humor, de ironie. Elk jaar vieren we Sinterklaas met erwtensoep, pepernoten, kaarsjes en een wasmand vol met kado's. Vorig jaar, niet lang voor Sint begon ik met haken. En ik wilde voor iedereen wat maken. Maar zo snel was ik niet. En dus moesten bijna alle kado's teruggegeven worden en afgemaakt. Gedurende het jaar kwamen ze weer terug bij hun uiteindelijk eigenaar. Afgezien dan van de riem. En ik schaamde me. En schaamde me. En schaamde me. En probeerde om die riem, die inmiddels goed weggestopt zat zodat ik hem niet meer zou zien, ook te vergeten. Maar ja, Zusje vergat het vast niet. En ik dus ook niet. En dus besloot ik m voor deze Sinterklaas af te maken.

Et voila!




zondag 27 november 2011

Stof happen

Mijn oma kon altijd enorm lekker koken. Een groot deel van de succes-recepten die moeders 's avonds op tafel zette, kwamen eerst van oma af. Ik heb me dit nooit ten volle beseft, totdat ik bij de verhuizing van mijn opa en oma een stapel oude kookboeken overhandigd kreeg. 'Een groot deel van die boeken zijn regelmatig en met veel succes gebruikt', vertelde opa erbij. Ik was vereerd en bijzonder nieuwsgierig. Wat aten mijn opa en oma eigenlijk altijd? Ik wist, door het eigenlijk gewoon te weten, dat ze van Grieks, Thais en Italiaans houden. Als wij kwamen logeren was er altijd een uit-eten-dag, een pasta-dag en een pannenkoeken-dag (die overigens van de hand van opa en 'aangefikt' waren. Toch kookte oma ook vaker voor ons, zeker in de tijd dat ze vaker oppaste. Wij hebben daar nooit bezwaar tegen gehad. En nu kreeg ik dus een glimp van het geheim van de meesterkok.
Die bewuste boeken, vaak gebruikt zijn makkelijk te herkennen. Sommigen alleen al door de slijtage van het vele malen open slaan. Maar ook door het handschrift van oma, die kennelijk niet schroomde om een pen te pakken en te vermelden welke recepten lekker! zijn en af en toe de verhoudingen te wijzigen of ingrediënten toe te voegen of weg te laten. In een bewust boek, uitgegeven ter bevordering van het pasta gebruik in Nederland door de Honig, vond ik ongeveer een week aan maaltijden terug die mij erg bekend voorkwamen. Spaghetti-souffle, Kip in rozijnen wijnsaus, Spaghetti Stroganow. Een feest van herkenning. En eigenlijk had ik ze allemaal meteen willen maken. Het boek telt nog vele meer recepten, waar niets bij stond. Waarschijnlijk spraken ze oma niet aan. Eigenlijk niet zo gek, de meeste plaatjes wekken niet echt eetlust op, maar ja de het is dan ook een gedateerd boek. Al eerder maakte ik, tot grote tevredenheid van Lief, een spaghetti omelet (en ja, het was echt zoals het klinkt en nog eetbaar ook). En deze week durfde ik me aan iets anders te wagen.

Het leek me best lekker. En toen ik er mee bezig was, dacht ik nog: dit wordt echt super. Tot ongeveer halverwege is bezig was met ingrediënten samen te voegen en een wazig, grijzig sausje begon te ontstaan, die daarna roze en daarna weer grijs werd. Een onbestemde geur steeg op uit de pan. Ik was niet meer zo heel zeker. Ik zet door. Altijd. Er staan meer recepten in dat boek die er raar uit zien, maar als favoriet gevraagd werden op verjaardagen. En dus zette ik Lief een bord vol dampende wazigheid voor. En we proefden. En nog eens. Niet alleen zag het er onbestemd uit, het proefde ook zo. Ik bedoel, het was niet echt vies. Maar lekker was het eigenlijk ook niet. Ik at door. Lief at eerst de helft van zijn bord op om vervolgens op te merken 'ik denk dat ik het niet zo lekker vind'. Zeker was hij niet. Ik heb netjes alles opgegeten. En proef de nasmaak nog steeds. En ik weet het nog steeds niet

maandag 21 november 2011

Onderweg

Toen ik klein was, hadden mijn ouders nog geen auto. Zij hadden zelfs nog geen rijbewijs. Nu ben ik nog niet zó oud dat je zou kunnen zeggen: dat hoort bij die tijd. Al mijn vriendinnetjes hadden ouders met rijbewijs en auto. Zelfs mijn opa's en oma's, hoewel de oma's zich altijd liever lieten rijden.
Mijn ouders vonden een auto overbodige luxe. Of het was voor het milieu, of om het geld weet ik eigenlijk niet, ik denk een combinatie van die twee. Het resultaat van deze denkwijze was een noodzaak om snel te leren fietsen. En als we naar opa en oma in Zwolle gingen twee kaartjes en vier railrunners.Ik was altijd bang voor de trein, volgens mijn ouders vanwege de instap, volgens mij omdat ik altijd bang was dat de trein weg zou rijden terwijl een deel van de familie in de trein zat en een ander deel moest achterblijven. In mijn ogen was dit een onomkeerbare scheiding, dat de trein elk half uur vertrok kwam nog niet in mij op. Deze angst werd nog eens extra gevoed door het feit dat pappa in de rij ging staan om onze kaartjes te kopen (dat is dus wel echt old skool) en wij alvast op het perron wachtten op de trein en soms zelfs al instapten voordat wij pappa tussen de mensen zagen opduiken.
Als we eenmaal met z'n allen in de trein zaten was het goed. Leuk ook, hoewel Zwolle toch meestal best ver was. NS hielp ons altijd een beetje met van die leuke kaarten en koeientellers en mamma als ex-juffie had altijd wel iets bij zich waarmee wij ons konden vermaken. Hoewel ik graag wil beweren dat wij (en dan vooral ik) model kinderen waren, kan ik me nu toch goed voorstellen dat wij voor mede-passagiers als irritante kleine k*t kinderen werden gezien. Zelf vonden wij dat natuurlijk allerminst. Wij vonden de reis een beleving. Een traktatie. Het gezellig maken met z'n allen op de bank. Als we niet al te snel hoefden over te stappen mochten we onze jas uit doen. En wat was er veel te zien uit het raampje. En als we dan allemaal die ijzingwekkend grote sprong over de diepte bij het uitstappen weer hadden overleeft, en iedereen was uit de trein op het moment dat hij weer verder reed, was het één groot feest. Een afsluiting van een avontuur.
Nu stap ik drie keer per week in de trein. Drie keer heen, drie keer terug, elke keer mét overstap. En het is niet eng. Het is niet spannend. Het is niet speciaal. Het is gewoon, vervelend zelfs. En dat is misschien maar goed ook, want nu is er geen mamma meer die mijn hand (ietwat gepikeerd) vast houdt en geen pappa meer die mij de trein in tilt.

vrijdag 18 november 2011

Service

Dames en heren,
Op het traject tussen Weert en Maarheze heeft een persoon zich laten aanrijden. Aangezien deze persoon een goed gevulde trein heeft uitgekozen, was zijn aanrijding extra succesvol. Omdat wij ons best doen om zo veel mogelijk persoonlijk materiaal te verzamelen, om de nabestaanden een zo goed mogelijk gevulde kist aan te bieden, is er op dit moment geen treinverkeer mogelijk tussen Weert en Maarheze. Wij hebben slechts elke dag te maken met dit soort aanrijdingen, ondanks dat is er op dit moment nog steeds geen vervangend vervoer. Door de spits zijn er extra veel andere reizigers die straks met onze bussen verder willen reizen. Om al te veel bloedvergieten te voorkomen verzoeken we u vriendelijk om uw nagels te kort te houden en ringen en andere sieraden op te bergen.
Wij wensen u een prettige reis.

zondag 13 november 2011

Show n tell: Sokken

Ongeveer drie maanden geleden besloot ik dat ik ook eens sokken wilde maken. Eerst haken (en dat ging best goed, totdat mn garen op was net twee cm voordat ik klaar was) en daarna breien. Ik had youtube filmpjes bekeken, bamboo sokkennaaldjes gekocht, garen ingeslagen en advies ingewonnen via Ravelry. En dus ging ik aan de slag. Ik brei niet zo veel en dus niet zo snel, dus het ging vrij langzaam. Bovendien kwamen er nog swaps en andere leuke dingen tussendoor. Maar vandaag tijdens het kijken van de intocht van Sinterklaas op uitzendinggemist begon het einde toch echt in zicht te komen.

Et voila. Mijn aller aller aller eerste paar sokken.

Hier nog in uitvoering. Het eerste deel.
En deze twee helemaal af!


Ik heb het basis sokkenpatroon gebruik van Wolhalla. Dat was goed te volgen en als ik iets niet snapte was het makkelijk terug te vinden op youtube. Ik vond het nog lastig om goed de maten in te schatten. Het been kan je zo hoog maken als je zelf wil en de ongeduldige ik en de angstige dat ook hier mijn garen op zou raken voordat de sok af was, heb ik een heel klein been gebreid. Maar verder passen ze goed en zijn ze lekker zacht en warm

vrijdag 11 november 2011

Wat we willen

Morgen komt de Sint weer in het land. En dat betekent voornamelijk kadootjes. Ik hou zelf enorm van kado's uitdelen en vier daarom graag het Sinterklaas feest. Er zijn twee min-puntjes. Ten eerste weet ik nooit wat ik mijn Lief moet geven. Dat moet iets speciaals zijn, iets veelzeggends, iets persoonlijks. Dit word onze vijfde Sinterklaas, en na alle verjaardagen, kerst en onze datum begin ik steeds minder te weten wat dat iets moet zijn. Om het nog wat moeilijker te maken: hij weet het zelf ook niet. En dat is ook mijn tweede probleem. Ik weet dat ook nooit, van mezelf, wat ik graag wil hebben. Jaren geleden maakte ik hele lijsten (zodat iedereen voldoende, gevarieerde keuze had), tegenwoordig weet ik het niet meer zo. Tja, wolletjes en katoentjes, maar wat verder?

En dus ging ik op zoek naar het internet en belandde ik op de website van bol.com. Heel handig, bol heeft een speciale pagina met kado tips. Voor hem, voor haar, voor jongetjes en voor meisjes. Per categorie vier voorstellen die gegarandeerd in de smaak vallen. Tenminste dat wordt beweerd.

Mannen lopen kennelijk helemaal warm voor Call of Duty, modern warfare 3 en het is een beetje afhankelijk van welke computer hij heeft, welke je moet kiezen. Je kunt kiezen voor de Xbox, de PS3 en de PC en daarmee geven ze eigenlijk al aan dat als je je man een spel kado zou willen doen, je alleen kunt kiezen voor Call of Duty. Ik denk dat dit kado mijn relatie een flinke klap zal opleveren.

Als ik mijn lief een boek kado zou willen doen is het kennelijk verstandig om hem het boek Steve Jobs kado te doen, anders komt hij zijn dagen niet gelukkig door. Ik kan kiezen voor zowel de Engelse variant of voor de Nederlandse vertaalde. De andere Nederlandstalige boeken zien er allemaal sinister en stoer uit. De Engelstalige zijn meer voor de nerds onder ons, wie zou er anders in het Engels willen lezen?

Voor ons vrouwen is het aanbod niet minder ambitieus. De chicklit is kennelijk het enige wat ons, door oestrogeen bevangen schepsels nog boeit. Evenals Gooise vrouwen en Marco Borsato. Alsof we allemaal door romantiek bevangen, elke avond luid jankend op de bank willen hangen, terwijl we onze benen epileren met de Silk Epil.

Ik begrijp nu waarom ruzie en feestdagen hand in hand gaan. Een kado zegt hoe goed je iemand echt kent. En als je afgeleid wordt door van die stomme lijstjes die vrouwen degraderen tot hormonale, labiele kuikentjes en mannen afschildert als opgepompte, door geweld bevangen Apple-junkies, koop je natuurlijk altijd het verkeerde.

woensdag 9 november 2011

Jonguh

Al zo lang ik me kan herinneren klaagt men over de veranderende samenleving. Jongeren hebben geen respect meer voor ouderen. Jongeren hebben geen manieren meer. Inmiddels is naar mijn mening iedereen onder de 50 inmiddels een jongere geworden. Men staat niet meer op voor ouderen in de bus. Men stapt een trein in zonder eerst de mensen uit te laten stappen. Men zegt geen dank je wel meer, gaat alleen voor zichzelf en is ronduit asociaal.
Gisteren woonde ik een lezing bij van Ronald Giphart over het boek Het leven is verrukkulluk van Remco Campert. Hij leidde het boek in door wat persoonlijke verhalen te vertellen over zichzelf en over zijn relatie met Campert. En hij probeerde het boek in zijn tijd te plaatsen door ons iets te vertellen over de jaren '50 en de uit de jaren '60 voortvloeiende vrijheden van jongeren. Deel van zijn verhaal ging over de Nozems. En eigenlijk is het sinds die ouderwetse hangjongeren er alleen maar op achteruit gegaan. Voelen we ons eigenlijk nog wel veilig op straat? Als het donker is en er niemand anders meer op straat rond hangt dan dat groepje met hun scooters, petjes, capuchons, peuken maar wat staat de lummelen, praten (vroeger: tegenwoordig pingt men elkaar op de iPhone, extra efficiënt dus) en bij voorkeur dingen vernield en een grote rotzooi maakt.





Gisteren zat ik in de bus. We stonden op het station, ik moest iets verder. In mijn ooghoek verscheen een lang, zwaaiend voorwerp. Het duurde even voor ik me realiseerde wat het was. Het was een stok die hoorde bij een meneer met ogen die duidelijk te kennen gaven niet zo goed dienst te doen als die meneer waarschijnlijk had gewild. De meneer tastte met zijn stok het eind van het perron af in de hoop niet tegen een bus aan te lopen, of om er door een overreden te worden. Deze meneer voelde zich duidelijk niet zeker, ook niet met zo'n magische stok. Hij bewoog zich slechts langzaam voort, terwijl hij verwoed met zijn stok heen en weer zwaaide.
Ik ben kennelijk een denker, en geen doener. Ik dacht, mijmerde. Totdat ik opschrok van een vlotte jongeman. Type hangjeugd. Marokkaan, coupe-militair en  met zo'n jas, die zijn schouders extra breed maken. Hij haakte zijn arm in de arm van die meneer en vroeg hem waar hij heen moest, welke bus hij moest hebben. De man schrok op. Hij had hem niet gezien, maar waarschijnlijk ook niet verwacht. Hij liep met de man naar onze bus, zei hem daar te wachten, stapte de bus binnen en vroeg aan de chauffeur zijn bestemming. Toen die bleek te kloppen met de bestemming van de meneer, hielp hij hem de bus in, stapte weer uit en liep weg. Gewoon zo. Alsof het zo hoorde. Hij schaamde zich niet. Hij was niet trots. Zo hoorde het, zo was hij opgevoed, zo was hij. 

woensdag 2 november 2011

Wolven

Als we de boeken moeten geloven, stammen onze huishonden van tegenwoordig af van wolven. Wolven hebben een niet zo'n leuke reputatie. Ze zijn eng, gemeen en eten lieve lammetjes op. Ze huilen tegen de maan, en dat doen ze het liefst om ons angst aan te jagen. Wolven zijn puur en puur slecht.

Toch is het bijna zeker dat de wolf de voorouder is van onze huishond. En toen kwamen wij, en creëerden onze ideale honden. Groot, klein. Te korte snuit, te korte pootjes, te klein koppie, te kleine ogen. Ach, als Toch blijft het soms moeilijk te geloven. De grote, meestal bruine, glimmende ogen die zo vertederend kunnen kijken. De vrolijke kwispels. De aanhankelijke liefde die vraagt om knuffels. Ach, ik zal niemand hoeven te overtuigen. Tenminste...dat dacht ik.

In mijn (honden-mamma) ogen heb ik natuurlijk de aller aller aller liefste, mooiste, leukste en watdanniet-ste hond die er is. (En eigenlijk is ie dat ook). Het is een knuffeldier dat het liefst bij je wil zijn.Hij kijkt uit naar het moment dat hij 's ochtends nog heel even bij mij in bed mag en zijn kleine, warme lichaampje tegen mij aan mag leggen. En als ik hem zou laten, zou hij al die tijd vrolijk kwispelend mijn gezicht aflikken. In plaats daarvan soezen we samen nog wat verder.
Hij kijkt uit naar het moment dat Lief een middagdutje doet op de bank en hij bij hem mag liggen.
Hij kijkt uit naar wandelingen waarbij hij los mag en mag socializen en networken met soortgenootjes. Maar nooit te lang, en zeker niet te ver weg. Mamma's hand loslaten vind hij nog een beetje eng. 

Met andere woorden en door en door verwent mormel dat ons heel veel liefde en plezier geeft. Een schatje dat als je hem commandeert te bijten in een bloot been, er onzeker een likje op geeft. Een mietje dat zichzelf laat besnuffelen in plaats van achter een ander aan te gaan, en zielig piepend tussen mijn benen komt staan als andere honden te hardhandig zijn of hun dominantie tonen door ritmisch door de knieën te gaan.

Toch was er deze week een meid die de wolf in ons schoothondje zag. Die panisch naar mij riep dat ik hem kort moest houden. Een stoere no-nonsense meid. Zo eentje met een attitude, die in een andere tijd met een vingertje zou staan zwaaien terwijl ze ons vermaant om naar haar hand te praten cuz da face aint listnin'. Zo eentje, stond verstijft tegenover ons en schreeuwde in blinde paniek dat ik nu toch echt moest doen wat ze zei, omdat ze bang was voor honden. 

Ik was wel een beetje trots. Onze kleine man heeft in elk geval één keer in zijn leven iemand angst aan gejaagd. En ik moet zeggen, hij heeft zijn hondelijkheid eindelijk bewezen.

maandag 31 oktober 2011

Snert

Voor mij bestaan er maar twee seizoenen. De zomer, met z'n warmte, licht en waarin alles levendig is en tot bloei komt. En de winter, met z'n kou, de donkere dagen en de daarbij behorende gezelligheid in de vorm van kaarsjes en lichtjes, cocoonen en typische Hollandse gerechten als boerenkool, spruitjes en erwtensoep.

Het gevoel dat de zomer er aan komt sluit voor mij het hoofdstuk 'winter' en het hek is van de dam. Ik denk na over vakanties, leuke dingen om te doen en mijn tuin. Vanaf de eerste warme zonnestralen van februari zit ik met mijn hoofd bij de tomatenplantjes, tuinbonen en wortelen.
Het gevoel dat de winter er aan komt sluit voor mij het hoofdstuk 'zomer' en het hek is van de dam. Ik denk na over sjaals, wanten en winterjassen (en sinds de afgelopen winters over sneeuwschoenen en winterbanden), wil de kerstboom opzetten en krijg onweerstaanbare zin in erwtensoep en pakjesavond. Gelukkig voor die erwtensoep had ik er in de zomer aan gedacht om wortels, prei, bleekselderij, knolselderij, aardappel en ui te planten. En dus eten wij aan het begin van de winter een bijna letterlijke soup-from-scratch.


Mijn recept:

Doe 3 stengels, in stukjes gesneden bleekselderij samen met 300 gram spliterwten, 2,5l water, 4 bouillonblokjes en 2 laurierblaadjes in een pan en laat het 20 minuten koken. Voeg dan 2 in stukjes gesneden aardappel en 300 gram in stukjes gesneden knolselderij toe en laat dit weer 20 minuten meekoken.
Verhit een beetje boter in een grote koekenpan, wok of braadpan. Bak hierin 1 ui, 3 stengels, gesneden bleekselderij, 200 gram prei in ringen en 300 gram in stukjes gesneden (of geraspte) wortel voor 5 minuten zodat de smaak goed loskomt. Voeg daarna alles bij de soep en laat dit nog 5 minuten koken. Pureer dan alles met een staafmixer.
Stukjes rookworst toevoegen et voila.

zaterdag 29 oktober 2011

Sprookjes

Woensdag ontving ik deze geweldige sprookjesswap van Karen.
De opdracht was dus om deze keer de swap rondom een sprookje op te bouwen.
Ik ontving een langwerpig doosje, prachtig versierd met allerlei dieren. Een raaf, bijen, een hond (lees: cavalier) een kat...


Maar ook met duidelijke instructies bovenop:
Dus, het doosje open en eerst opzoek naar het verhaal. Moeilijk, want al die kadootjes waren in een prachtig stofje verpakt en vroegen erom om open gemaakt te worden.






Het sprookje dat Karen voor mij uitkoos heet Het Grote Water en is een chinees sprookje. Ik kende het niet en kon het net ook niet vinden via google. Extra speciaal dus. :-)
Het gaat over een jongen met een goed hart dat de zoon is van een weduwe. Op een dag merkt hij op dat hij geen grootmoeder heeft, zoals alle andere kinderen en wenst zich dus een grootmoeder. Dan komt er een bedelaarster langs en hij wil dat zij zijn grootmoeder wil. Ze is wel een beetje vies en dus doen ze haar in bad. En ze heeft luizen die hij samen met zijn moeder van haar afplukt en in een grote plan doen. Grootmoeder zegt dan dat ze de pan in de tuin moeten begraven en pas mogen opgraven als het grote water komt. Het grote water komt als de stenen leeuwen voor de gevangenis rode ogen krijgen. Ook moet hij een scheepje maken van hout en dat goed bewaren. Als uiteindelijk de leeuwen rode ogen krijgen moeten ze de pan uit de tuin opgraven en het scheepje pakken. De pan blijkt gevuld met parels en het schip wordt steeds groter. Dan begint het te regenen en regenen. Grootmoeder zegt hen dan dat ze alle dieren die ze tegen komen moeten redden, behalve de mensen.

Zo redden ze een hond, een muizenpaar, een kat, een raaf en een groep bijen. Dan komen ze ook een man tegen. Omdat de jongen zo goed van hart is red hij ook deze man. Dan zakt het water en komen in een ander land terecht. De man heeft echter de parels ontdekt en gaat daarom naar de rechter waar hij de jongen en zijn moeder beschuldigd van tovenarij en worden ze in de gevangenis gegooid. Daar helpen alle dieren hen met eten. Maar de raaf komt een brief brengen van de grootmoeder naar de rechter waaruit blijkt dat grootmoeder eigenlijk een Godin is. De rechter laat hen vrij en straft de man.

Toen de jongen groter was geworden hielpen de bijen hem ook nog bij het vinden van een prinses en ze leefden nog lang en gelukkig.
En dan de pakjes. Spannend.
Elk pakje had een klein briefje, vastgebonden met een draadje met een parel eraan met een link naar het sprookje.











Prachtig toch?
Ik heb het al een aantal keer gezegd, maar Karen BEDANKT

vrijdag 28 oktober 2011

Later

Nu ik me ongeveer 24/7 omgeef door kinderboeken, beginnen een aantal radartjes in mijn hoofd terug te draaien. Ze proberen terug te halen hoe het ook al weer eens was. Met mij, als kind. Ik heb mezelf altijd beschreven als iemand die graag leest. Maar van mijn kinderperiode weet ik bijna geen enkel boek meer op te noemen dat ik heb gelezen, afgezien van de enkele tientallen boeken die nu nog bij ons in de kast staan. Mijn ouders lazen vaak voor, maar anders dan Kruistocht in spijkerbroek kan ik me bar weinig herinneren.Bovendien was dat het laatste boek waaruit werd voorgelezen (overigens waren dat slechts de eerste drie hoofdstukken, want het kwam er maar niet van en ik vond het boek niks). Ik weet wél nog dat ik gek was van Belle en het Beest en Aladdin. Ik weet ook nog dat we vaak buiten speelden. Ik weet ook nog van balletles, paardrijden en een poging om keyboard te leren spelen. Ik herinner me verhalen die we speelden met Playmobil en Lego. Maar ik herinner me amper nog een boek. Afgezien van dat ene...

Ik las nog B boeken. En dat was helemaal niet erg. Er waren genoeg boeken in de B kasten te vinden om te lezen. Kennelijk. Tot ik langs de schappen van de C boeken liep en er één rug uit zag springen. Een dik boek, met een prachtige donkerrode kaft en met titel Maar ik wil dansen. Dat boek dat was het dus helemaal. Voordat ik het had gelezen. Voordat ik het überhaupt kón lezen. Elke keer liep ik er langs. Elke keer stond het er nog. Elke keer zag ik het meteen staan. Het sprong er uit. Het riep me. Tot ik de verleiding niet langer kon weerstaan en het gewoon mee nam. Om te proberen. Als het te moeilijk was, dan..nou ja, dan was dat maar zo. Maar het kon niet te moeilijk zijn, daar geloofde ik niet in.
En ik las. Langzaam, maar ik las. En het was prachtig. En ik las maar door. Stukje bij beetje. Tot ik voor het eerst in mijn leven de opmerking kreeg dat ik het boek nu echt binnen drie weken uit moest hebben, want het kon niet nog een keer verlengt worden. En ik was nog niet eens halverwege. Dus bladerde ik door. Las bladzijden, stukjes tot ik snapte wat er aan de hand was en wat er was gebeurd, en dan sloeg ik weer een stuk over. Tot de laatste paar hoofdstukken. En net toen het terug moest, had ik het uit. Zie je wel dat ik het kon? Eigenlijk was het valsspelen, maar dat gaf niet. Want ik zou het later nog eens lenen en het dan helemaal lezen. Ik hoop dat later snel komt. 

Een nieuw begin

Nou, daar ben ik dan weer. Een nieuw begin zal ik het maar noemen.
Ik was al een tijdje aan het twijfelen om de overstap te maken. Blogger heeft fijne functies die je aan je blog kan toevoegen. Maar ja, overzetten is zo vervelend. En toen moest ik opeens. Webs.com liet mijn pagina's niet meer zien.

Een nieuw begin, een nieuwe naam. Want What a glorious feeling was natuurlijk al bezet. En al het andere leuke natuurlijk ook. En dus hebben Lief en ik 3 dagen zitten brainstormen. Wat dan wel. Maar alles was bezet. En wat Lief leuk vond, vond ik niets. En wat ik wilde, vond hij weer niets. Over deze waren we het eigenlijk ook niet eens. Maar ja, hij was nog vrij.

Goed, dus. Daar zijn we weer.

zondag 16 oktober 2011

Op de zondag avond, nog maar een paar uur voor het officiële begin van mijn eerste tentamenperiode. Bij een opleiding als die van mij bestaan de meeste tentamens uit het schrijven van opdrachten. Duizend woorden, tweeduizend, drie- of misschien zelfs vier. Alle opdrachten bij mekaar heb ik het idee vandaag meer dan vijfduizend woorden te hebben getyped. Ik droom vandaag van letters.
Om het positief te houden dus meer de leuke kant van woorden: de manier waarop ik ze het liefst zie.



Zaterdag was ik in de Boekenwurm, de kinderboekwinkel in Maastricht. In combinatie met het feit dat dit de laatste dag van de kinderboekenweek was, ontstonden zich herinneringen in mijn hoofd, met betrekking tot boeken en lezen. Ik ben opgegroeid in een huishouden waar boeken best een grote rol speelde. Was het niet bij ons thuis dan was het wel bij opa en oma die in hun huis zoveel boeken hadden staan, dat mijn moeder nostalgisch vertelde over vakantiebaantjes waarbij ze simpelweg de hele dag het stof van de boeken moest kloppen. Rond kinderboekenweek mochten wij altijd zelf een boek uitzoeken. Tot er een kinderboekenweek kwam waarbij alle mensen in de kinderboekenwinkel in Nijmegen met hun armen, benen en oren uit de deuren en ramen hingen om nog met een schuin oog de planken met boektitels te kunnen bekijken. Moeders vond het zo belangrijk dat wij met een nieuw boek thuiskwamen dat ook wij moesten doorzetten en ons door deze menigte moesten wurmen, ondanks luide protesten in de trant van 'ik zie niets'. Diezelfde dag besloot zij dat de kinderboekenweek wel erg leuk was, maar dat er nog 355 andere dagen in het jaar waren waarop lezen minstens even leuk was. Wij kregen voortaan een boek voordat wij op vakantie gingen. 
Geïnspireerd door boekenopa besloot ik zelf ook een huis vol met boeken te creëren. Ik wilde me daarbij vooral baseren op de bibliotheek zoals deze te zien is in mijn all-time favorite Disney film Belle en het Beest. Maar in combinatie met een interesse in architectuur levert dat op z'n minst nog wat alternatieve als-ik-later-groot-ben plaatjes op. Een kijkje.

Trinity college, Dublin


Nog meer geïnteresseerd? http://www.beautiful-libraries.com/